In gesprek met Annemarie van Gaal

Na twaalf jaar als bestuurder en lid van de Raad van Toezicht betrokken te zijn geweest, neemt Annemarie van Gaal afscheid van Start Foundation. Met een uitgesproken mening, een ondernemersblik en weinig geduld met oneerlijke systemen zette ze de eerlijke arbeidsmarkt op de agenda in Nederland.

In dit interview blikt Annemarie terug op twaalf jaar Start Foundation. Ook kijkt ze vooruit, naar de hardnekkige reflexen die volgens haar nog altijd in de weg zitten. Waarom sluiten we nog steeds zoveel talent buiten? Waarom blijven we denken in zekerheid en vinkjes? En welke waarheden mogen eindelijk eens hardop worden uitgesproken?

Annemarie van Gaal over werk, risico en het lef om mensen een kans te geven

Q: Hoe ben je eigenlijk bij Start Foundation terechtgekomen en wat dacht je toen je ons voor het eerst zag?
A: Ik presenteerde 14 of 15 jaar geleden de dag voor de branchevereniging van afvalverwerkers. Han Noten was de voorzitter van die branchevereniging én voorzitter van de Raad van Toezicht van de Start Foundation. Han polste mij die dag of ik geïnteresseerd zou zijn om lid van de Raad van Toezicht van Start Foundation te worden. Nou was mijn agenda toen nog voller dan hij nu is, dus in eerste instantie heb ik het afgehouden. Han bleef het proberen en na twee jaar stemde ik in om een gesprek met Jos Verhoeven te hebben op het gemeentehuis in Dalfsen (waar Han toen burgermeester was).

Ik was onder de indruk van Jos en zijn passie voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Ik weet nog dat we over en weer ideeën uitwisselden over hoe het beter zou kunnen in ons land. Na dat gesprek was er geen weg meer terug voor mij en had ik Start Foundation in mijn hart gesloten. 

Q: Jij zit aan veel tafels. Waarin verschilt Start Foundation echt van andere fondsen?
A: Start Foundation heeft een heel duidelijk doel en benadert alles praktisch. De enige vraag die we hoeven stellen is; in hoeverre helpt dit onze doelgroep?

Q: Welke discussie op de arbeidsmarkt voeren we in Nederland nog steeds veel te voorzichtig?
A: Ik erger me aan de manier waarop wij ons sociale stelsel hebben ingericht. We geven bijvoorbeeld iemand met een handicap een Wajong-uitkering en ontmoedigen diegene daarmee om aan het werk te gaan, want als hij gaat werken dan belandt hij in een weergaloos administratief moeras van het UWV en vrijwel alles wat diegene verdient wordt verrekend met de uitkering. Het werkt ontmoedigend in plaats van stimulerend. Ik heb al vaak gepleit voor een basisinkomen voor iedereen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Laat iedereen naar hartenlust bijverdienen en op zoek gaan naar zijn talent. Er is nog zoveel te verbeteren in ons land.

Q: Wat is de grootste onzin die jij de afgelopen twaalf jaar hebt gehoord over mensen die moeilijk aan werk komen?
A: De grootste onzin is dat wij als samenleving nog steeds vaak naar de fysieke handicap kijken en iemand daarop beoordelen. We vergeten dat je een talent niet van buiten ziet en een handicap belemmert ook niet je talent. Ik heb mensen gezien die nooit aangenomen zouden worden als bijvoorbeeld vakkenvuller bij een supermarkt, maar die met uiterste precisie en toewijding de moeilijkste programmeeropdrachten uitvoeren. Of blinde mensen die succesvol werken als headhunter en feilloos de beste kandidaat eruit pikken omdat hun gehoor door hun handicap hun gevoel is.

Q: Waar had Start Foundation van jou nóg harder mogen duwen?
A: Ik denk dat we veel harder moeten duwen bij politici in Den Haag. Er móet iets veranderen aan ons sociale stelsel om iedereen betere kansen te geven én we moeten stoppen met onzinnige bureaucratie die werkgevers belemmert om mensen met een afstand aan te nemen.

Q: Wat heb jij in twaalf jaar zien veranderen bij werkgevers?
A: Twaalf jaar geleden waren werkgevers nog terughoudend met het aannemen van werknemers met een uitdaging en in die tijd zouden wij ook nooit een concept als ‘open hiring’ hebben kunnen introduceren. Werkgevers zouden twaalf jaar geleden nooit iemand aannemen zonder sollicitatiegesprek. Gelukkig is dat veranderd en zijn meer en meer werkgevers overgegaan op ‘open hiring’ (ook werkgevers die het niet zo noemen) en zijn steeds meer ondernemers, er intrinsiek van overtuigd dat iedereen een kans moet hebben.

Q: Wat hebben ondernemers nodig om meer mensen een kans op werk te geven?
A: Daar kan ik kort over zijn: Minder bureaucratie. Neem alleen al de administratie rondom loonsuppletie als je iemand met een beperking aanneemt, daar moet je bijna een parttime iemand op de HR-afdeling voor aannemen. Dat werkt natuurlijk niet. Maak het simpel, zou ik willen zeggen tegen de overheid. De politiek moet in oplossingen denken.

Q: Zijn grote bedrijven soms gewoon te laf geworden als het gaat om mensen aannemen?
A: Nee zeker niet. Maar terwijl MKB-ondernemers intrinsiek gemotiveerd zijn en de extra administratieve lasten nog wel voor lief willen nemen, geldt dat voor grote bedrijven minder. De enige oplossing is een eenvoudiger systeem, zoals een basisinkomen voor werknemers met een uitdaging.

Q: Als jij morgen één regel, reflex of gewoonte op de arbeidsmarkt mocht veranderen, welke zou dat zijn?
A: Ik zou veel willen veranderen, maar als ik één ding mag veranderen dan zou ik het concept van cv’s willen elimineren. Waarom zou je iemand selecteren op opleiding en ervaring? Dat bepaalt toch niet iemands talent?

Q: Welke waarheid over de arbeidsmarkt mag vaker hardop worden gezegd?
 A: Talent zit van binnen en dat zie je niet aan de buitenkant!